De onzekerheid rondom Groenland en de Amerikaanse ambitie
Het wordt steeds duidelijker dat Donald Trump serieus overweegt Groenland van Denemarken, een bondgenoot binnen de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NATO), over te nemen. Ondanks waarschuwingen dat een dergelijke actie de alliantie zou ondermijnen, lijkt hij vastbesloten. Hij weet dat geen enkele Europese staat op een militaire wijze zal ingrijpen, omdat zij daarbij zeker verlies zullen lijden. Daarnaast gokt hij erop dat Washington de rest van NATO kan wegzetten met een landaanbod in het Noordpoolgebied, aangezien de meeste alliantieleden afhankelijk zijn van de Amerikaanse militaire macht.
De strategische kwetsbaarheid van NATO-lidstaten
Hoewel diplomatieke manoeuvres en achterkamertjesdeals misschien nog enige invloed kunnen hebben, blijft de realiteit dat de berekeningen van Trump niet zonder basis zijn. Decennia van overmatige afhankelijkheid van Amerikaanse wapensystemen, technologische kennis en militaire kracht hebben de militaire autonomie van de alliantie aangevochten. Vooral het Verenigd Koninkrijk, dat zichzelf profileert als de krachtigste Europese militair binnen NATO, bevindt zich in een hoek.
De Britse veiligheidspositie onder druk
Het Britse leger profiteert sinds lange tijd van de zogenoemde “speciale relatie” met de Verenigde Staten. Dit wordt vooral zichtbaar in de nucleaire samenwerking, zoals de missile- en onderzeeërprogramma’s die kernkoppen kunnen lanceren. Hoewel de Britse regering beweert dat haar nucleaire capaciteit volledig soeverein is, is de nauwe samenwerking met de Verenigde Staten een onmisbare factor. Daarnaast blijft het Britse conventionele militaire vermogen sterk afhankelijk van Amerikaanse en West-Europese systemen.
Het belang van Amerikaanse militaire ondersteuning
Op het slagveld spelen zogenoemde “enablers” een essentiële rol. Dit zijn bijvoorbeeld inlichtingen via satellieten, elektronische oorlogsvoering en logistieke middelen. De Verenigde Staten voorzien de Britse troepen en die van andere NATO-leden van deze kritieke ondersteuning, die hun operationele effectiviteit versterken. Het is gebruikelijk dat Groot-Brittannië, net als andere lidstaten, op de Amerikaanse militaire infrastructuur en technieken vertrouwt, zoals Chinook-helikopters, F-35-jets en P-8 maritieme patrouillevliegtuigen. In oorlogsscenario’s wordt aangenomen dat Groot-Brittannië nauw samenwerkt met de VS vanwege haar grotere en geavanceerdere strijdkrachten.
De afhankelijkheid van NATO-landen en de dreiging van verdere Amerikaanse inperking
Planmatig proberen de gezamenlijke commandanten binnen NATO – met de Amerikaanse bevelvoerder als decennia lang vaste rol – de verdedigingscapaciteit te versterken door de inspanningen van alle 32 lidstaten te bundelen. Toch overheerst de Amerikaanse invloed: ook nu de Europese leden en Canada zich inspannen om meer zelf uit te oefenen, blijft de VS een dominantie behouden. Amerikaanse wapensystemen en technologieën worden door veel NAVO-landen gebruikt, waardoor de afhankelijkheid groot blijft.
De strategische implicaties van een eventuele aanval op Groenland
Toen het Deense parlementslid Mette Frederiksen waarschuwde dat een Amerikaanse aanval op Groenland, een NAVO-bondgenoot, het einde van het verdrag en de veiligheidssituatie sinds de Tweede Wereldoorlog zou betekenen, bracht ze een belangrijke kwestie ter sprake. Maar gezien de zwakte die een dergelijke aanval in de internationale veiligheidsstructuur zou veroorzaken, lijkt dit niet de alarmbellen te zijn die Washington daadwerkelijk doet schrikken. In plaats daarvan zou zo’n scenario vooral een laatste waarschuwing moeten zijn voor het Verenigd Koninkrijk, Europa en Canada om zich nooit vaker in een staat van zwakte en afhankelijkheid te manoeuvreren, zoals nu het geval is.”



