Een Historisch Overeenkomst voor Zeebescherming
Op donderdag 4 december 2025 ondertekenden het Verenigd Koninkrijk en Noorwegen een strategisch verdedigingsverdrag dat het gezamenlijk opereren van hun marine-eenheden mogelijk maakt. Deze overeenkomst, door velen omschreven als uniek in zijn soort, richt zich primair op de bescherming van cruciale onderzeese kabels. Zowel het VK als de NAVO beschouwen deze infrastructuur als steeds meer bedreigd door Russische onderzeeërs.
De Details van het Verdrag: De Lunna House Overeenkomst
De overeenkomst, genoemd naar de basis op de Shetlandeilanden – de Lunna House – werd donderdag ondertekend door minister van Defensie John Healey en zijn Noorse collega Tore Sandvik in Downing Street. Deze locatie herinnert aan de basis waar de Noorse verzetsgroep tijdens de Tweede Wereldoorlog gebruik van maakte.
Het verdrag voorziet in de inzet van een gecombineerde vloot van Britse type-26 fregatten, die speciaal ontworpen zijn voor onderzeeërjacht. Deze schepen dragen bij aan de strategie om Russische onderzeeërs in het noordelijke deel van Europa te detecteren en te neutraliseren.
Strategische Implicaties en Veiligheidsaspecten
Minister Healey benadrukte dat deze samenwerking een belangrijke stap is voor beide landen, die historisch nauw verbonden zijn. Hij voegde eraan toe dat een nieuwe, complexe bedreiging een versterkte samenwerking tussen NAVO-leden noodzakelijk maakt. Premier Sir Keir Starmer bevestigde in een verklaring dat, in een tijd van wereldwijde instabiliteit en toenemende Russische maritieme activiteiten, internationale samenwerking essentieel is voor nationale veiligheid.
Volgens de premier verstevigt het akkoord niet alleen de grensbeveiliging maar ook de infrastructuur waarop de landen vertrouwen. Door gezamenlijke maritieme operaties in de Noord-Atlantische regio wordt de veiligheid verhoogd, worden duizenden Britse banen ondersteund, en wordt de Britse bouwcapaciteit internationaal geprezen.
Het Oekraïne-Voorbeeld en Russische Aanwezigheid
De recente toename van Russische schepen in Britse wateren – een stijging van ongeveer 30% in de afgelopen twee jaar volgens het Ministerie van Defensie – onderstreept de noodzaak van deze samenwerking. In november werd het Russische oorlogsschip RFN Stoikiy en het tankerschip Yelnya onderschept door de Royal Navy. Rusland beschuldigde het Verenigd Koninkrijk van provocatie, terwijl het VK beweert dat de Yantar een onderzoeksvaartuig is dat zich bevindt in internationale wateren.
Een maand eerder werden schepen en een helikopter ingezet om het Russische slagschip Vice Admiral Kulakov te volgen, wat de actieve veiligheidsmaatregelen onderstrepen.
Aanvullende Wapen- en Scheepsaankopen
Deze samenwerking en operationele capaciteiten worden ondersteund door een deal van £10 miljard tussen het VK en Noorwegen, afgesloten in september van hetzelfde jaar. Noorwegen bestelde toen vijf type-26 fregatten die gebouwd zullen worden door BAE Systems in Glasgow. Dit stelt de landen in staat minimaal 13 anti-onderzeeërschepen gezamenlijk te laten opereren, met een focus op de wateren tussen Groenland, IJsland en Groot-Brittannië, en Russische marinebewegingen in dat gebied monitoren.



